Konijnen
Konijnen
Onze Diensten
Vaccinaties
Voorkomen is beter dan genezen! Daarom is het belangrijk uw huisdier op regelmatige basis te vaccineren. Om uw konijn tegen een gereduceerd tarief te vaccineren, wordt er elk jaar rond mei een konijnen-vaccinatiedag georganiseerd.
Belangrijke ziektes
Wees bij uw konijn altijd op uw hoede voor tandproblemen, diarree, maden, oorschurft en blaasstenen.
Sterilisatie en castratie
Ben je niet van plan om te kweken met je konijn, dan is castratie of sterilisatie zeker aan te raden.
Konijn (het; o; meervoud: konijnen)
haasachtig zoogdier met lange oren.
een konijn uit zijn (hoge)hoed toveren onverwachts iets zeggen of met iets komen.
Vaccinaties
Voorkomen is beter dan genezen! Daarom is het belangrijk uw huisdier op regelmatige basis te vaccineren. Om uw konijn tegen een gereduceerd tarief te vaccineren, wordt er elk jaar rond mei een konijnen-vaccinatiedag georganiseerd.
RHD (Rabbit Haemorrhagic Disease)
Deze virale ziekte wordt overgedragen via besmette voeders, bodembedekking, direct contact met zieke konijnen, vogels en insecten.
Bij 90 % procent van de konijnen leidt deze ziekte tot een snelle dood zonder voorafgaande symptomen. In de andere gevallen kunnen er soms neusbloedingen, geelzucht of ademhalingsproblemen te zien zijn.
Sinds 2010 is een tweede variant aan een opmars bezig die al verschillende dodelijke slachtoffers gemaakt heeft in verschillende Europese landen waaronder België.
Preventie gebeurt door een jaarlijkse vaccinatie tegen de beide varianten. Het vaccin kan al gegeven worden vanaf 5 weken en is onmiddellijk een jaar werkzaam.
Myxomatose
Deze virale ziekte wordt overgedragen via bloedzuigende insecten (muggen, vlooien) en in mindere mate door direct contact met een ziek konijn.
De meest typische symptomen zijn: zwelling van de oogleden, tranenvloed, anorexie, verdikkingen van de huid rond de oren, ogen, mond en anus. Door bacteriën die beginnen te woekeren treedt er meestal sterfte op na een dag of tien.
Preventie gebeurt door een jaarlijkse vaccinatie vanaf de leeftijd van 5 weken en door muggenbestrijding.
Belangrijke ziektes
Tandproblemen en tandabcessen
klik hier voor meer info over de gevolgen en dit behandeld kan worden
Konijnen hebben altijd doorgroeiende tanden (2 mm/week-maand!).
Door te weinig ruwvoer of groenvoer worden de snijtanden en kiezen te lang met als mogelijke gevolgen:
- het voedsel wordt niet of onvoldoende gekauwd
- het voedsel valt uit de mond
- speekselen, ‘vieze’ voorpoten
- diarree of obstipatie
- kleinere hoeveelheid mest door verminderen voedselopname
- slechte vacht
- terminaal niet meer eten en sterk vermageren
Behandeling heeft enkel zin wanneer kort na het ontstaan van de problemen wordt ingegrepen. Alle doorgroeiende tandpunten worden dan onder narcose weggenomen.
Preventief moet dus zeker voldoende ruwvoer (hooi of stro) en groenvoer gegeven worden!
Diarree (= spoedgeval!)
De oorzaak van diarree is meestal een plotse voederwijziging ofwel een te eiwitrijk voeder (krachtkorrels). Ook bacteriële en parasitaire (coccidiose) infecties kunnen meespelen in het ontstaan van diarree.
klik hier voor info hoe diarree te kunnen vermijden bij uw konijn
Door overmatig wassen (verveling) of gebrek aan ruwvoer in het voer kunnen haarballen ontstaan. Ruwe celstof stimuleert de darm, waardoor haarresten gemakkelijker kunnen worden uitgedreven. Oudere konijnen en langharige rassen hebben een verhoogd risico.
Haarballen hopen zich op in de maag en geven aanleiding tot vermagering en leververvetting. Konijnen kunnen namelijk niet overgeven.
Preventief zou er dus voldoende ruwvoer aangeboden moeten worden.
Maden
Oorschurft
De symptomen hierbij zijn een afhangend oor, jeuk, korsten in oor en op binnenkant oorschelp.
Blaasstenen
Door een teveel aan krachtvoer (korrels), snoepjes of knaagsteentjes kan er opstapeling zijn van calcium neerslag in de urine waardoor blaasstenen gevormd kunnen worden.
Preventief wordt dit vermeden door het konijn veel groenvoer te geven. De vitamine C die daar in zit, verzuurt namelijk de urine waardoor de kalk oplost.
Sterilisatie en castratie
Ben je niet van plan om te kweken met je konijn, dan is castratie of sterilisatie zeker aan te raden. Vrouwelijke dieren lopen zo minder risico op baarmoederkanker terwijl de mannetjes minder gedragsproblemen zoals agressie, bijten en sproeien zullen vertonen. Meestal gebeurt castratie of sterilisatie rond de leeftijd van 6 maanden tot 1 jaar, maar dit kan later ook nog.
Let na de ingreep op het gewicht van je konijn. De ingreep zorgt er immers voor dat je konijn minder energie zal verbranden waardoor hij of zij al snel te zwaar kan worden.
Huisvesting
Een konijn dat buiten gehouden wordt, moet beschermd worden tegen koude, regen, tocht en felle zon. Om graven te beletten, steekt u best de omheining zeker een stuk onder de grond, zodat uw konijn niet zijn weg naar buiten graaft. Een konijn kan makkelijk 60cm hoog springen, zorg dus ook voor een voldoende hoge omheining.
Voeding
Wilde konijnen eten vrijwel alleen plantaardig voedsel. Hoogst zelden zullen ze een slakje of regenworm nuttigen.
Coprofagie (het eten van eigen ontlasting) komt ook voor bij het konijn en dient om voedingsstoffen (vitamines, water en hoogwaardige eiwitten) op te nemen die door de microbiële organismen in de dikke darm gemaakt zijn. Deze stoffen worden ’s nachts met de ontlasting als zachte keutels uitgescheiden. Overdag zijn de keutels hard. De zachte keutels (caecotrophen) zijn zeer eiwitrijk en voorzien in 20 % van de dagelijkse behoeften. Zonder opname van deze keutels, zou het konijn diarree krijgen.
Volgende punten zijn belangrijk in de voeding van het konijn:
Er moet altijd hooi en stro beschikbaar zijn
Deze elementen bevatten zeer veer vezels en garanderen een goede spijsvertering en zorgen voor een optimale tandenslijtage. Verschillende soorten weidehooi en gedroogde grasproducten die hun groene kleur behouden hebben zijn beschikbaar in de winkel. Het hooi moet fris ruiken en mag niet te stoffig zijn.
Vers groenvoer
Vers groenvoer mag zeker bijgegeven worden o.a. paardebloem, klaver, weegbree, wortels, gras, tomaat, witloof, peterselie. Bij koolsoorten kan er soms gasophoping ontstaan, dus dit beter in beperkte mate geven. Deze voeding moet gewassen, droog en liefst op kamertemperatuur gegeven worden. Fruit bevat veel suikers en moet als snoepje beschouwd worden voor je konijn. Overdrijf hier dus niet in, anders zou diarree of gasopstapeling in de darmen het gevolg kunnen zijn.
Beukenhout met blad of wilgentak
Door het konijn ook beukenhout met blad of wilgentak te geven kan hij zijn knaagbehoefte botvieren en krijgt hij ook nog eens vitaminen binnen.
Niet overdrijven met krachtvoer
Wat betreft het eten van krachtvoer (korrels) mag de hoeveelheid niet meer bedragen dan 10 % van het rantsoen van het konijn, tenzij het over groeiende of zogende konijnen gaat. Wanneer ze meer krijgen dan gaan hun tandjes niet genoeg afslijten en/of het konijn kan te dik worden waardoor het niet meer aan zijn nachtkeuteltjes kan en zo tekort aan vitaminen krijgt. Kies voor een korrel rijk aan vezels en arm aan proteïnen en vetten. Het best uitgebalanceerd zijn monocomponente voedingen waar elk brokje dezelfde inhoud bevat. Je konijn kan niet selectief zijn in wat hij opeet en hierdoor zorg je er ook voor dat alle bestanddelen voldoende opgenomen worden. Er zijn ook speciale korrels voor jonge of oude konijnen op de markt. Kies hiervoor indien je konijn in die leeftijdscategorie valt, maar hou er rekening mee dat hooi en gras het hoofdbestanddeel van je konijn zijn dieet moeten vormen.
Geleidelijke overgang tussen verschillende voedingen
Het konijn mag niet te snel van de ene voeding op de andere voeding gezet worden. Wanneer hij bijvoorbeeld in het voorjaar op gras mag, doe dit dan niet te snel. Neem voor de eerste keer maar een half uurtje zodat hij geen darmproblemen (diarree) krijgt
Snoepjes en voedingssupplementen
Snoepjes en voedingssupplementen: hiervan bestaat er een heel gamma in de meeste dierenwinkels. Hou er rekening mee dat snoepjes bij een konijn al snel tot obesitas of spijsverteringsproblemen kunnen zorgen. Daarnaast geven sommige voedingssupplementen zoals likstenen soms aanleiding tot blaasstenen.