Voor dringende gevallen 24/7 bereikbaar:
+32 56 41 01 78

Schapen & Geiten

Schapen & Geiten

Onze Diensten

Schaap (het; o; meervoud: schapen)

woldragend, herkauwend zoogdier, m.n. het volwassen vrouwelijk dier: als er één schaap over de dam is, volgen er meer als eerst maar één voorgaat, volgen er meer; het zwarte schaap zijn de zondebok, verschoppeling; zijn schaapjes op het droge hebben genoeg verdiend hebben om onbezorgd te kunnen leven

Geit (de; v; meervoud: geiten)

wijfje van een bok, hert enz.

Preventie

Voorkomen is beter dan genezen! Daarom is het belangrijk uw huisdier op regelmatige basis te vaccineren en te ontwormen

Uw Dier Vaccineren

Blauwtong

Blauwtong is een virusbesmetting die voorkomt bij schapen, runderen en geiten. Het virus wordt overgedragen door muggen. Vaccinatie tegen deze ziekte is verplicht.

Lammeren kunnen vanaf de leeftijd van 2.5 maand gevaccineerd worden en moeten een herhaling krijgen 3 weken na de eerste vaccinatie. Vanaf dan hebben ze slechts jaarlijks een herhaling nodig.

Zomerlongontsteking (Pasteurella Multocida)

Veel dieren zijn drager van deze bacterie en bij slechte weersomstandigheden, grote schommelingen in temperatuur tussen dag en nacht of bij een slecht stalklimaat kan de bacterie ineens voor veel problemen zorgen.

Pasteurellose kenmerkt zich vooral door het voorkomen van acute longontstekingen of het plotseling dood vinden van een lam. Verder kan de kiem ook het borstvlies, het hartzakje en de uier aantasten en in uitzonderlijke gevallen de het hersenvlies, gewrichten of zelfs de darmen via bloedvergiftiging. Opgroeiende lammeren worden het meest aangetast maar ook volwassen schapen kunnen ernstige longontstekingen krijgen.

Behandeling komt vaak te laat, maar als het nog mogelijk is, wordt antibiotica gegeven. Als preventieve maatregelen zijn aanpassing van het stalklimaat en het zorgen voor beschutting tegen grote temperatuurwisselingen zeer belangrijk. In Nederland is een gecombineerd vaccin beschikbaar dat ook tegen Clostridium beschermt.

Het Bloed

Vaccinatie tegen clostridium perfringens, in de volksmond ‘het bloed’ genoemd, wordt sterk aangeraden. Het is een bacterie die overal in de omgeving en ook in de darm van de schapen voorkomt.

De bacterie begint te vermenigvuldigen en produceert toxines bij plotse voederwijzigingen. De meeste uitval vindt plaats bij dieren van drie tot tien weken oud. Ook onder goed gevoerde dieren van een half tot één jaar oud vallen regelmatig slachtoffers. De aandoening wordt in de hand gewerkt als schapen voer eten met een ruime koolhydraat-eiwitverhouding en weinig structuur. Te veel melk drinken of een te snelle overgang naar weiden met jong en eiwitrijk gras kan hetzelfde resultaat hebben.

Eenmaal een schaap ziek is, komt behandeling meestal te laat. Daarom is het belangrijk de dieren hiertegen te beschermen. Drachtige ooien krijgen best hun herhalingsvaccinatie 1 tot 2 weken voor het werpen. Lammeren van niet-gevaccineerde moederdieren kunnen vanaf 2 weken leeftijd gevaccineerd worden en krijgen een herhaling 4 weken na de eerste vaccinatie. Lammeren van gevaccineerde ooien moeten pas vanaf 8 weken leeftijd voor het eerst gevaccineerd worden.

Zere Bekjes (Ecthyma Contagiosa)

Dit is een virus dat pokachtige letsels veroorzaakt voornamelijk rond de neus, mond en op de tepels en tevens besmettelijk is voor de mens. De grootste problemen komen voor in de lammerperiode.

Aangezien de aandoening pijnlijk is, kan het voorkomen dat lammetjes niet meer willen drinken of ooien de lammeren niet meer laten drinken. Bij lammeren kan er dan ook sterfte optreden. Het is ook een zeer besmettelijke aandoening die zich snel kan verspreiden in een populatie.

In Frankrijk is een vaccin beschikbaar, maar gezien dit een levend vaccin is, mag het enkel gebruikt worden op bedrijven waar problemen zijn. Het is ook aangeraden om gevaccineerde schapen apart te houden van de stal waar de aflammering gebeurt of waar gevoelige dieren aanwezig zijn.

Rotkreupel

Rotkreupel is een besmettelijke aandoening waarbij ontsteking van de tussenklauwhuid ontstaat. Het wordt veroorzaakt door twee bacteriën nl. Dichelobacter nodosus en Fusbacterium necrophorum. Besmetting treedt meestal op bij het binnenbrengen van een nieuw schaap in de kudde, contact met schapen in een aangrenzende weide of na passage van een dekram.

Door de ontsteking zullen schapen beginnen manken, een klassiek beeld dat hierbij gezien wordt is dat de dieren op hun knieën beginnen te grazen

De schapen moeten ingespoten worden met langwerkende antibiotica. De afgesneden stukken hoorn worden het best vernietigd aangezien hier meestal veel bacteriën in zitten. Voor de preventie is regelmatig pootjes bekappen het belangrijkste en de aangetaste dieren moeten worden behandeld. . Een droge omgeving is ook noodzakelijk om de klauwtjes goed hard te krijgen. Nieuw aangekochte dieren zoals rammen 2 weken apart houden, bekappen, in een voetbad zetten en antibiotica inspuiten. Pas als zeker is dat zij vrij zijn, mogen ze bij de koppel. Een droge omgeving is ook noodzakelijk om de klauwtjes goed hard te krijgen.

Indien u uw dieren wil beschermen tegen rotkreupel dienen ze 2 keer gevaccineerd te worden met 4 à 6 weken tussentijd. Het vaccin is zeer effectief maar er kunnen wel ernstige entreacties voorkomen zoals abcessen.

Het is ook mogelijk om op rotkreupelgevoeligheid te selecteren. Noteer bij welke schapen rotkreupel hardnekkig is of steeds terugkomt. Bij de steeds terugkerende gevallen kan opruimen nodig zijn in verband met een mogelijke erfelijke overgevoeligheid.

Paratuberculose

Paratuberculose is een bacterie die vooral problemen geeft op de grotere melkgeitenbedrijven. Tot de leeftijd van 6 maanden kan de infectie aanslaan. In zeldzame gevallen kunnen ook oudere dieren nog besmet raken bv. bij erge infectiedruk en overbezette stallen. Paratuberculose uit zich bij de geit vooral met vermageren, soms met diarree.

De bestrijding moet steunen op een verbetering van hygiënische maatregelen en serologische screening, en opruiming van besmette dieren. In Nederland is evenwel een dood vaccin beschikbaar waardoor geleidelijk aan een daling komt in het aantal besmette dieren.

Ontwormen van uw schaap of geit

 

Rotkreupel is een besmettelijke aandoening waarbij ontsteking van de tussenklauwhuid ontstaat. Het wordt veroorzaakt door twee bacteriën nl. Dichelobacter nodosus en Fusbacterium necrophorum. Besmetting treedt meestal op bij het binnenbrengen van een nieuw schaap in de kudde, contact met schapen in een aangrenzende weide of na passage van een dekram.

Overige diensten​

Voortplanting & dracht

Solivet helpt u graag bij het aflammeren van uw schaap of geit.

Castratie

Castratie wordt vaak toegepast bij rammen om ongewenste voortplanting en ongewenst gedrag te voorkomen. Het tijdstip van castratie is echter zeer belangrijk voor de gezondheid van het dier, vooral in verband met het risico op urolithiasis (blaas- en urinestenen).

Wanneer een ram te vroeg wordt gecastreerd, krijgt de urinebuis onvoldoende tijd om zich volledig te ontwikkelen. Dit verhoogt de kans op een verstopping door urinestenen, wat ernstig en zelfs levensbedreigend kan zijn.
Om dit risico te beperken, adviseren wij om rammen pas te castreren vanaf de leeftijd van 6 maanden. Op deze leeftijd is de ontwikkeling van de urinewegen voldoende gevorderd, waardoor de kans op problemen aanzienlijk kleiner wordt.

Daarnaast blijft goede voeding en voldoende drinkwater essentieel om de vorming van urinestenen te helpen voorkomen.

OMLEIDING WERKEN

Momenteel zijn er wegenwerken in de straat van de praktijk in Moorsele waardoor deze voorlopig niet meer toegankelijk is vanuit de richting van Menen. Via Moorsele centrum blijven we echter normaal bereikbaar.

We willen jullie graag laten weten dat er hiervoor een omleiding voorzien is, waarbij u net voor de lichten van de Floralux rechts moet inslaan indien u uit de richting van Menen komt.
Er hangen tevens bordjes uit met pijlen richting de praktijk.